|
Dinsdagavondrit (A) 4 september 2007 |
|
|
Het was een avond vol verdeeldheid. Een avond waarop zeven man in conditie elkaar niet weten te vinden. Zo'n avond waarop je onderweg denkt: zoek het uit met zijn allen. En tegelijkertijd, als alles weer is doorgepraat en uitgepraat, een avond die je niet had willen missen.
Tijdens de inleidende koffie wordt er nog met gloed nagepraat over de Criq. Even kunnen we ons vereenzelvigen met onze Ardense mannen. Om 18.45 uur moeten we het weer zelf doen.
De avond begint de gewoonte getrouw met een uitgebreide discussie over de route. De discussie wordt nog net op tijd afgebroken als men zich beseft dat het weldra donker zal worden.
Als Wilco aangeeft dat hij zijn hartslag aan een maximum wil binden, en Leo aangeeft dat hij nog wat zuur moet wegfietsen, kunnen zij op begrip rekenen. Maar in Vlaardingen rijden zeven mannen ( Vincent, Gerald, Ton, Leo, Wilco, Aart, Jan ) achter elkaar aan, in een poging om een groep te worden. Gelukkig weten we elkaar bij de Waterweg weer te vinden.
Op dat mooie rechte pad langs de Waterweg is er weinig reden om de groep voor keuzes te plaatsen. Maar in Maassluis, bij de eerste de beste keuzemogelijkheid, dreigt direct onenigheid over de route. Nemen we het pad langs het spoor, of het pad langs het water.
Op de een of andere manier zijn dat keuzemomenten van levensbelang waar een groep renners niet licht aan voorbij kan gaan. Ik houd mijn mond, want ik zou geen kopwerk doen. Gelukkig weten de voorhoedemannen van dat moment met resoluut handelen de gelederen gesloten te houden.
Onderweg naar 's Gravezande lukt het jammer genoeg niet om een soepele trein op te zetten. De onderlinge krachtsverschillen zijn niet te verwaarlozen, er wordt met onregelmatige snelheid overgenomen, er vallen gaten, en er moet weer worden gewacht.
Volgens mij doet dat wachten elk trainingseffect te niet. Zodra je hartslag weer terugzakt naar 120, verdwijnt al het zuur weer uit je bloed, en hoeft je lichaam zich niet aan te passen.
Als ik, als laatste wagon, het voortouw neem, en probeer weer snel een samenhangende trein te vormen, gaat dat gelukkig goed.
In de Westgaag, op weg naar Schipluiden, komt de machinerie lekker op gang.
Dat wil zeggen voor vier man. De overige zijn vakkundig aan de kant gezet. Er was rechts van de witte bermstreep te weinig ruimte voor drie man. En, net zoals in het profpeloton, ligt het op de een of andere manier meer voor de hand om als eenlingen op de kant te blijven rijden, dan samen een nieuwe waaier te vormen.
In Schipluiden wachten we even op elkaar. Want voor een eindsprint waarover nagepraat wordt, heb je meer ingredienten nodig dan een eenling met een vlammend eindschot. Dat zal zo blijken.
Op weg naar Vlaardingen rijdt Vincent heel rustig naar voren. Op zijn Zoetemelks neemt hij een voorsprong. Iedereen ziet het gebeuren, iedereen ziet het gat groeien, en iedereen denkt .........
In ieder geval leidt al dat denken bij niemand tot een doeltreffende aktie. En op het moment dat onze vluchter een beslissende voorspong van 100 meter heeft genomen, is een nieuwe onenigheid geboren.
Niemand maakt van zijn hart een moordkuil. Ook dat is onderdeel van de folklore van de snelle groep.
In de kantine gaat het gesprek voor een groot deel over de vraag wat we deze winter met elkaar kunnen gaan doen, en vooral hoe we in april MET ZIJN ALLEN weer topfit aan de start van een mooi seizoen kunnen staan.
Vele ideeen passeren de revue. Helaas krijgt geen enkel idee meer dan twee stemmen. De verdeeldheid blijft ons achtervolgen. En we spreken af elkaar weer snel te ontmoeten.
Baanrennen in Sloten (avond).
Mountainbiken (weekeinde).
Spinning en krachttraining (weekeinde).
Kilometers maken op de fiets (weekeinde).
De zesdaagse van Rdam. (avond)
Het Ronde Van Vlaanderen spel, en andere gezelligheid (avond).
Wilco
|