Ik mag dan ouderwets zijn omdat ik mijn fietsketting (nog) uitkook.
Op het gebied van trainingsanalyse ben ik helemaal bij de tijd.
Ik heb mij laatst een nieuw
speeltje aangeschaft waarmee ik mijn inspanningen kan onderwerpen aan een
Quadrantanalyse.
Met deze software kan ik de in ons fietscomputertje vastgelegde gegevens in een leuk grafiekje samenvatten.
Elke zich zelf respecterende prof wielrenner heeft tegenwoordig een personal trainer in dienst die dat voor hem doet.
Vroeger heette dat gewoon een correlatieanalyse.
Maar dat betaalde blijkbaar niet genoeg.
Waarom?
Ik heb me altijd afgevraagd waarom ik tegen de wind goed kan meekomen, en waarom voor de wind altijd een marteling voor me is geweest.
Tegen de wind verzet ik veel meer arbeid, dan voor de wind.
En toch zit ik de voor de wind altijd de minuten af te tellen.
Ik heb nu met
SportTracks twee stukjes van vijftien minuten uit de rit van 8 januari geknipt.
Vijftien minuten tegen-de-wind, en vijftien minuten voor-de-wind.
(klikken voor een leesbaar plaatje, opent in een nieuw venster)


Ik zie nauwelijks verschillen.
Ik zie alleen dat er geen correlatie bestaat tussen mijn harslag en mijn inspanningen (r<0.1)
Ik had verwacht dat de meetresultaten van tegen-de-wind zich meer rechtsonder zouden bevinden. En de meetresultaten van voor-de-wind meer linksboven.
Te weinig basisconditie voor zo'n geavanceerd instrument?
Volgens
enkele vergeten auteurs ben je pas in conditie als je hartslag enz je inspanningen direct volgen.
In onderstaand ouderwetse histogram lees ik veel meer informatie.

In het staafdiagram is te lezen hoeveel Watt ik moest verzetten om de mannen bij te kunnen benen.
Als je er de hartslagdiagrammen naast legt, zie je dat mijn hartslag voor-de-wind 10 slagen achter blijft bij tegen-de-wind.
En dat de hartslag voor-de-wind op een constant nivo blijft.
Tegen-de-wind zijn er daarentegen weer wat relatieve rustmomenten.
Waardoor ik 39% van de tijd in relatief rustig vaarwater kan vertoeven, ipv 32%
Trainingspeaks zegt dat ik te veel naar mijn gemiddelde inspanning kijk, en te weinig naar de door hen gepatenteerde
Normalized Power.
Kort samengevat: In een bochtig criterium zal je net zoveel Normalized Power verzetten als in een tijdrit over een vlakke weg. Maar in het criterium lopen de fysiologische processen voortdurend achter op de feiten. Waardoor je gemiddelde inspanning tijdens het criterium lager is.
Dat moet ik nog eens uitzoeken.
Tegen-de-wind is de NP=213 Watt.
Voor-de-wind is de NP=204 Watt.
Maar de average power is voor beide 197 Watt.